Alerteringssysteem Terrorismebestrijding

Het Alerteringssysteem Terrorismebestrijding richt zich op overheidsdiensten en bedrijfssectoren en heeft tot doel in geval van een terroristische dreiging snel en eenduidig maatregelen te kunnen nemen. Het systeem is puur gericht op professionals die te maken kunnen krijgen met een terroristische dreiging. De NCTb draagt zorg voor zowel de implementatie als het verdere beheer van het systeem. Op dit moment zijn vijftien bedrijfssectoren op het systeem aangesloten:
- Luchthavens
- Spoor
- Stads- en Streekvervoer
- Zeehavens
- Tunnels en Waterkeringen
- Olie
- Chemie
- Drinkwater
- Gas
- Elektriciteit
- Telecom
- Nucleair
- Financieel
- Publieksevenementen
- Hotels
Of een sector wordt aangesloten bij het Alerteringssysteem terrorismebestrijding, hangt af van de mate waarin deze van vitaal belang is in financieel-economische zin en of de sector een aantrekkelijk doelwit lijkt voor terroristen. Daarbij speelt een rol of er mogelijkheden zijn om met eenvoudige middelen grote aantallen menselijke slachtoffers te maken, of dat doelen een belangrijke symbolische betekenis voor onze westerse samenleving hebben.
Dreigingsniveaus
Het alerteringssysteem kent een basisniveau en drie opschalingsniveaus (lichte dreiging, matige dreiging, en hoge dreiging). Zolang het ‘basisniveau’ van toepassing is, gelden de veiligheidsmaatregelen die tot de reguliere bedrijfsvoering en dagelijkse praktijk behoren en worden geen bijzondere activiteiten verwacht van bedrijfssectoren of het lokaal bevoegde gezag. Zodra voor een bedrijfssector sprake is van een lichte, matige of hoge dreiging, wordt een pakket maatregelen vastgesteld dat op de aard van de dreiging is toegespitst. Naarmate vanuit inlichtingen- en veiligheidsdiensten méér bekend is over de aard, tijdstip en locatie van het doelwit van een mogelijke aanslag, zal het alerteringsniveau hoger zijn.
Afkondiging alerteringsniveau
Het besluit tot op- of afschaling van een alerteringsniveau voor een sector in het Alerteringssysteem Terrorismebestrijding, wordt genomen door de minister van Veiligheid en Justitie, als coördinerend bewindspersoon voor terrorismebestrijding. De minister neemt dit besluit in nauw overleg met de minister van BZK.
De afkondiging van een alerteringsniveau gaat gepaard met informatie over de aard van de dreiging, zodat de maatregelen daarop kunnen worden toegespitst. De burgemeester ofwel de hoofdofficier van justitie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de overheidsmaatregelen die naar aanleiding van het nieuwe alerteringsniveau moeten worden genomen. Indien de dreiging zich in meerdere regio’s tegelijkertijd manifesteert, kan het Beleidsoverleg Bewaken en Beveiligen er door middel van coördinatie voor zorgen dat dezelfde kwaliteit en uniformiteit in de veiligheidsmaatregelen wordt betracht.

